Onderzoek Antroposofische Vereniging 1923-1925

In 1923 richtte Rudolf Steiner de Antroposofische Vereniging opnieuw op, met een nieuwe grondslag. Die was zo nieuw, dat niet iedereen doorzag hoe deze in elkaar zat, ook al beleefde men het wel. Het was ook niet eenvoudig te realiseren, zoals uit het vervolg bleek.

Hendrik van Heek heeft een studie gemaakt van het tot stand komen van de statuten van de vereniging in de periode 1923-1925, waarbij het Rudolf Steiners bedoeling was dat het esoterische een verbinding met het exoterische zou aangaan, en andersom. In dit proces zijn een aantal belangrijke aspecten onduidelijk gebleven die nog altijd om opheldering vragen.

‘In het navolgende artikel beschrijf ik een poging, waarheid zoekend, mij in te leven in het proces van de vormgeving van de antroposofische beweging met ingang van de kerstweek van december 1923, zoals dit met name is gedocumenteerd in GA 260a, samengesteld door Hella Wiesberger.’

De hoofdvraag  van Hendrik van Heek is: ‘Kan ik zien hoe Rudolf Steiner te werk is gegaan om in de Antroposofische Beweging het esoterische met het exoterische te verbinden?’

Aan het einde concludeert hij: ‘Aan ons is het om dit proces te leren begrijpen en passend verder te voeren in de tijd waarin wij leven!’

De studie Ontwikkelingen in de Antroposofische Beweging onder de titel Hoe vindt een esoterische beweging een haar passende exoterische vorm? beslaat zeventien pagina’s en is hier te downloaden.