Ouders runnen met succes initiatiefgroepen voor vrijescholen

‘Zelf vrije school oprichten wint snel aan populariteit’, schreef het Algemeen Dagblad op woensdag 9 november. Het artikel maakte onder meer melding van het feit dat de Vereniging van vrijescholen “35 initiatieven in de afgelopen drie jaar” telde. “In elf situaties heeft de school de deuren al geopend.” Als voorbeeld werd de Vrije School Rotterdam-West aangehaald, die het tweede schooljaar is ingegaan. “Ouders konden geen geschikte school voor hun kinderen vinden.” Zij besloten daarom zelf een school op te richten: “een vrije, met veel aandacht voor natuur en diversiteit”.

Dezelfde woensdag had de Vereniging van vrijescholen in een eigen bericht op haar website meer informatie over de groei gegeven: “Op elf plaatsen in Nederland is er inmiddels een start gemaakt en een tiental initiatiefgroepen is voornemens te starten binnen de komende twee schooljaren. De overige groepen lopen in hun regio tegen problemen aan op het gebied van stichtingsnormen, huisvesting en concurrentieposities óf verkeren nog in een beginstadium van het traject. Dat blijkt uit een inventarisatie van de Vereniging van vrijescholen.”

De koepelvereniging deed ook verslag van een netwerkbijeenkomst in oktober voor initiatiefgroepen. “Ruim 50 deelnemers namens 21 initiatiefgroepen waren vertegenwoordigd en deelden met elkaar succesverhalen en knelpunten.” Er is een nieuwe wet op komst die mogelijk meer ruimte biedt voor vrijescholen. “Tijdens de bijeenkomst konden deelnemers hun ervaringen delen met een ambtenaar van het ministerie van Onderwijs, die aanwezig was voor een veldraadpleging in het kader de nieuw te ontwikkelen wet Meer Ruimte voor Nieuwe scholen.”

Die avond in Dit is de Dag op Radio 1 zei Rian van Dam, voorzitter van de vereniging, dat er op vrijescholen “meer aandacht voor brede ontwikkeling van kinderen” is. “Dat verklaart de groei van de toename ervan.”

Naar aanleiding van het wetsvoorstel ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ van staatssecretaris Dekker, dat momenteel ter beoordeling bij de Raad van State ligt, meende zij: “Er heerst nog een dominant ordeningsprincipe in het onderwijs. Dat wil ik veranderen, zodat we breder kunnen kijken, en meer goede scholen kunnen starten.”

Deel dit op facebook