Motief #200

Binnen en buiten, esoterie en exoterie

Met de post ontving u naast deze Motief ook het blad Antroposofie Magazine. Daarmee hebben we vanaf deze aflevering een ledenblad en een publieksblad. Dat is nodig om met een tijdschrift dat velen kan aansteken, de hand te reiken naar groepen van mensen die ons of de antroposofische beweging in samenhang met de vereniging tot nu toe niet of onvoldoende vonden. Tegelijk willen we de functie van Motief behouden om een plaats te hebben waar dingen gezegd en geschreven kunnen worden die enige vertrouwdheid met het werk van Rudolf Steiner en wat in de vereniging zoal leeft veronderstellen. Die tweedeling moet niet een tegenstelling worden tussen ‘esoterisch’ en ‘exoterisch’. Het esoterische is daar waar antroposofie met de gehele mens doorleefd en gedaan wordt en dat kan zijn op een plek in de wereld zonder ‘traditie’, antroposofische stijl van kleding, inrichting en woordkeus, kortom misschien zoals de kunstenaar Joseph Beuys het uitdrukte als ‘Mysterien am Bahnhof’: de mysteriën vinden op het station plaats.

De mysteriehandelingen zijn de momenten dat in de spreekkamer, voor de schoolklas of op de akker het juiste inzicht ontstaat in de wil om het goede te doen. Lievegoed noemde een geslaagde composthoop een Rozenkruizersmeditatie. Het kunnen ook kleine ontmoetingen ‘op straat’ zijn. Kort geleden vertelde ik een buurman aan het vliegtuigraampje – een fiscaal jurist op zakenreis – dat ik naar het Goetheanum vloog als voorzitter van de AViN. Aanleiding voor een hartelijk gesprek en het delen van de zielen-intimiteit dat hij jarenlang de beschouwing van Rudolf Steiner over het Onze Vader had doorgemediteerd. ‘Mysterien im Flugzeug’! Zouden we daarentegen van Motief een blad maken voor abstract-theoretische beschouwingen over de antroposofie, dan zouden we het exoterische in het binnenblad hebben gehaald.

Overal proberen we de antroposofie aan het woord te laten komen. Carl Unger observeerde van nabij hoe dat indertijd bij Rudolf Steiner ging. Een esoterische inhoud deelde hij vaak eerst maar met een paar mensen en sprak er met hen over, dan bracht hij het in kleinere kring, enige tijd later droeg hij het voor in een lezing voor alle leden en ten slotte kwam dezelfde inhoud aan bod in een openbare voordracht. Alle inhoud was uiteindelijk voor het algemene publiek bestemd. De weg daar naar toe had en heeft zijn eigen dynamiek. Het openbare werk is niet ‘antroposofie light’, maar soms zelfs de meest doorleefde antroposofie, die rijp is om in eenvoudige woorden te worden beschreven. Daarvan hopen we in Antroposofie Magazine het nodige te kunnen bieden. Binnen- en buitenblad zijn zo niet twee gescheiden werelden, maar twee richtingen. Zoals de meditatie er niet voor is om ons uit de wereld terug te trekken, maar momenten van stilte zijn waarin de wereld zich eindelijk wezenlijk kan uitspreken, zo is het werk in de vereniging, inclusief de berichtgeving in Motief, een plaats waar ook aan het toekomstige kan worden gewerkt in nog zuiver imaginatieve vorm of in al zijn beginnende onvolmaaktheid. Antroposofie Magazine is voor de blik van buiten naar binnen. Veel leesplezier!

Jaap Sijmons

Deel dit op facebook