Motief #202

De polsslag van de tijd in 33 jaar

Afgelopen jaren en toewerkend naar honderd jaar na de Kerstconferentie van 1923 zijn er steeds momenten waarbij werd stilgestaan bij ‘100 jaar na…’ Of het nu ging om het verschijnen van de werken van Rudolf Steiner als de Anthroposophische Seelenkalender (1912), Die Rätsel der Philosophie (1914), dit jaar Vom Menschenrätsel en volgend jaar Von Seelenrätseln, of de geboorte van de euritmie en de mysteriedrama’s. Dat roept uiteraard de vraag op wat daarbij de bedoeling is. Gaat het om ‘herdenken’ na 100 jaar? Vanuit het Goetheanum en vanuit ons bestuur is dat niet het belangrijkste. Het is natuurlijk mooi om je te realiseren dat na 100 jaar er zoveel belangstelling is voor deze boeken en nieuwe zaken, die echt heel klein zijn begonnen. De boeken waren meestal geen bestsellers en de euritmie begint in 1911 met één euritmiste, Lory Maier-Smits (die een jaar lang niet veel meer dan euritmisch lopen moest leren).

Wezenlijker is het volgen van een aanwijzing van Rudolf Steiner om oplettend te zijn hoe na ongeveer een generatie (ruim 33 jaar) een culturele-sociale impuls een volledige ontwikkeling heeft doorgemaakt en een ‘opstanding’ kan beleven (voordracht 23 december 1917, in GA 180). Voorwaarde is dan wel dat er ook begrip is voor de impuls van ruim 33 jaar geleden om te zien wat in de tegenwoordige tijd de volgende te zetten stappen zijn. Een voorbeeld daarvan is, dat het geen toeval is dat de eerste voorzitter van de Nederlandse Antroposofische Vereniging, Willem Zeylmans van Emmichoven, in de jaren vijftig zich intensief ging bezighouden met de Grondsteen van de vereniging, gegeven in de Kerstbijeenkomst van 1923, en in 1956 zijn samenvattende boekje Der Grundstein verscheen. Het sterkte de impuls om de splitsing die in 1935 opgetreden was in de Algemene Antroposofische Vereniging ongedaan te maken, wat overigens pas in 1960 daadwerkelijk gerealiseerd werd.

Weer 33 jaar verder zien we hoe na de val van de Muur in Berlijn in 1989 een stroomversnelling optreedt op tal van gebieden. De antroposofie verbindt zich – ook vanuit Nederland – actief met Oost-Europa. De jonge Rus Sergej Prokofieff had hiervoor in de jaren tachtig met zijn werk aan de Kerstconferentie 1923 en de Grondsteen veel gedaan. Veel initiatieven werden echter in Nederland de erop volgende decennia op de proef gesteld wat betreft hun houdbaarheid in de reguliere spelregels en marktwerking. De algemene vereniging wordt zelfs inzet van strijd of de fysieke juridische inrichting (tot en met haar inschrijving in het Handelsregister in 1924) wel correct is verlopen. Een omvattende toets van de antroposofie aan de werkelijkheid. Nu deze periode van 33 jaar haar laatste fase ingaat, is het tijd om ons te bezinnen en om ons bewust te maken hoe de impuls voor de volgende generatie betekenis krijgt. Worden de noden van de praktijk begrepen en wordt de geestelijke impuls gezien? Daarover gaat niet alleen de Wereldconferentie van Michaël 2016, maar ook het werk in Nederland.

Jaap Sijmons

Deel dit op facebook