Promotie fenomenologisch kleurenonderzoek in de praktijk

Wil Uitgeest promoveerde op woensdag 22 juni aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Ze verdedigde aan de Faculteit der Godgeleerdheid met succes haar proefschrift over haar fenomenologische kleurenonderzoek in de praktijk in het kader van de ideeën van Goethe en Merleau-Ponty.

Naast het praktische en concrete karakter ervan, is Uitgeests onderzoek wijsgerig esthetisch van aard en maakt onder meer gebruik van kunsthistorisch, cultuurhistorisch en kleurpsychologisch onderzoek. Een voorstudie voor dit proefschrift is haar boek De binnenkant van blauw – Onderzoek naar de dynamiek van blauw en de toepassing hiervan in de kunstzinnige therapie (2010). Dit was als studieboek geschreven voor de opleiding kunstzinnige therapie beeldend aan de Hogeschool Leiden. Het onderzoek naar de dynamiek van blauw dat in het proefschrift wordt uitgevoerd, is te beschouwen als uitwerking van één van de kleurgebieden (blauw) die in Goethes kleurenleer worden besproken. De kleur blauw dient hierbij als voorbeeld; het had ook een andere kleur kunnen zijn.

Uitgeest stelt vast dat er een grote ‘geheimzinnigheid’ bestaat ‘rond de mogelijkheden en de werkingen van kleur’. Zij overweegt dat deze “wellicht samenhangt met de aard van kleur zelf. Want de mogelijkheden en werkingen van kleur zijn zowel contextgebonden als wetmatig: binnen een bepaalde context voorspelbaar. Op het moment echter dat je meent in het algemeen een wetmatigheid te kunnen vaststellen, ontdek je zoveel uitzonderingen dat er weinig van de gevonden wetmatigheid overblijft. Dit paradoxale gegeven leidt er in de praktijk wellicht toe dat in de geschriften over kleur óf het aspect van de contextgebondenheid (ervaring), óf het aspect van de wetmatigheden (begrip) eenzijdig wordt benadrukt. En beide hebben iets wat de ander eigenlijk nodig heeft om ‘waar’ te worden.”

Zij komt tot de conclusie dat het hierdoor moeilijk is “om onder meer in de kunstzinnige therapie het inzetten van de gezond makende werking van kleur theoretisch te funderen en methodisch te onderbouwen. En toch weet ik uit ervaring dat kleur in de kunstzinnige therapie een grote kracht bezit. Kleur kan de fysieke en psychische gezondheid van cliënten sterk beïnvloeden, en heeft ook antwoorden in petto op de ontwikkelingsvragen die zij stellen. Maar kleur in dergelijke gevallen ‘blind’ toepassen alsof hiervoor recepten zouden bestaan, heeft weinig effect. En soms zelfs een averechts effect, bijvoorbeeld als een rustgevend bedoeld blauw door iemand als deprimerend wordt ervaren. Van degene die de kracht van kleur in praktijksituaties wil benutten, lijkt te worden gevraagd om ‘ziend’ te worden voor de kwaliteiten die de kleur in verschillende contexten tegenwoordig kan stellen, en op grond daarvan binnen die context de juiste keuzes te maken.”

Dit zich bewust worden van de kwaliteiten van kleur is hetgeen zij met haar onderzoek heeft willen en kunnen bereiken. Titel van het proefschrift: Bang voor rood, geel en… blauw? Goethe, Merleau-Ponty en fenomenologisch kleuronderzoek.

Wil Uitgeest MSc was lid van de kenniskring van het lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg en verbonden aan de opleiding Kunstzinnige therapie, onder meer als docent, beide onderdeel van Hogeschool Leiden.

Deel dit op facebook