Motief #215

Drie- én viergeleding!

Op 6 en 7 oktober vindt in Driebergen onze najaarsconferentie plaats. 100 jaar geleden trad Rudolf Steiner in Von Seelenrätseln naar buiten met een visie op de driegeleding van het fysieke lichaam. In datzelfde jaar sprak hij ook al over de driegeleding van het sociale organisme. Op de Kerstconferentie van 1923 zou hij daarop terugkijken en zeggen dat hij na dertig jaar in 1917 eindelijk de gedachte ‘rijp’ vond om openbaar te maken. Reeds als student had hij de driegeleding van het organisme in gesprekken aangeduid, maar men hield dat voor een filosofische idee. Na drie decennia was het pas een publicabel wetenschappelijk idee geworden en een stevige grondslag voor de verdere ontwikkeling van de antroposofie.

De driegeleding heeft ons deze honderd jaar intensief beziggehouden. Ik verwijs daarvoor graag naar het artikel van Henk Verhoog in dit nummer. Mij trof in het bijzonder een opmerking van Bernard Lievegoed in zijn terugblik in Het oog van de naald (1991). Aangezien antroposofen steeds spraken over de driegeleding, had hem moeite gekost om te denken dat de ontwikkeling toch in een vierheid plaatsvond. De verhouding van de drieheid tot de vierheid! Het klinkt als elementaire rekenkunde, maar is dat natuurlijk niet. De driegeleding is een impuls van de Rozenkruisers (bijvoorbeeld in de alchemie: sal, mercurius, sulfer en in de tempel: Wijsheid, Schijn en Macht) en met de antroposofie staat de ontwikkeling van het vierde principe centraal. De Grondsteenspreuk van 1923 bouwt op de driegeleding voort, maar de vierde strofe brengt de ontwikkeling! Dat was voor Bernard Lievegoed een belangrijk levensthema.

Wij zullen op de conferentie ons opnieuw verbinden met deze fundamenten van de antroposofie. Om de diepte ervan te peilen is nodig dat het thema te zien vanuit de christelijk-filosofische traditie van Europa. Daar doemt de majestueuze gestalte op van Dionysius de Areopagiet (voordracht Michiel ter Horst). Dionysius beïnvloedde de complete filosofie en theologie van de Middeleeuwen en doordrenkte deze met het denken in driegeledingen. Met de opkomende natuurwetenschap vanaf de Renaissance ging die invloed gaandeweg verloren, maar werd in het Rozenkruizerdom bewaard.

We leren door het goetheanistische denken in metamorfosen hoe zich in de driegeleding de elementen ‘omstulpen’. De projectieve geometrie doet het ons voor (voordracht Bob Siepman van den Bergh). Metamorfoserend denken bereid ons voor op een nieuw zicht op de eigenlijke michaëlische impuls achter de driegeleding. Wij zijn dan aangekomen bij de eigenlijke geesteswetenschappelijk opdracht van onze tijd (voordracht Paul Mackay). Door euritmie maken wij dit thema kunstzinnig beleefbaar en in werkgroepen kunnen wij actief ons ermee verbinden. Het slot van de conferentie is de metamorfose van de driegeleding door de zeven ritmes van de Grondsteenspreuk heen (mijn afsluitende beschouwing), die door Rudolf Steiner waren bedoeld om ervoor te zorgen dat deze zo in ons leeft, dat ze ons niet meer verlaat. Graag tot op de conferentie!

Jaap Sijmons

Deel dit op facebook